BOSBODEMSTAALNAMEKIT: BOSREVITALISERING & BOSOMVORMING
Le résumé fourni par la source
De bodem is de groeiplaats van het bos waar boomwortels in verankeren en heeft zo een cruciale invloed op de bosvitaliteit. Bosbodems veranderen van nature doorheen de tijd, door verweringsprocessen, podzolisatie en natuurlijke depositieprocessen. Maar de Vlaamse en Nederlandse bosbodems zijn de laatste 70 jaar significant sneller aan het verzuren als gevolg van hoge antropogene verzurende deposities. Ondanks de sterke afname van zwaveldepositie sinds de jaren 90, het strikter beleid van de afgelopen jaren dat tot een daling in stikstofdepositie leidde en een nog verdere verstrenging van dat beleid blijft bodemverzuring doorgaan. Bovendien blijft ook de vermesting duidelijk doorgaan, aangezien de netto-opname van N in verzuurde bossen (5-10 kg N/ha/jaar) lager is dan de depositie (25-35 kg/ha/jaar). Daarnaast verdwijnt de schade van de historische depositie ook niet vanzelf. In veel slecht gebufferde zandige bosbodems ligt de pH(CaCl2) in de bovenste 10 cm van minerale bodemhorizont tussen 2,8-3,5 (benaderende pH(H2O) waarde 3,5 – 4,5). Dit ligt in de suboptimale tot kritische pH range van de meeste standplaatsgeschikte boomsoorten en bedreigt de toekomst van die bossen. De op relevante termijn verweerbare mineralen zijn grotendeels verdwenen waardoor bossen volledig afhankelijk zijn van de ontoereikende hoeveelheid atmosferische depositie van basische kationen (Ca2+, Mg2+ en K+). Het gevolg is meetbaar in de bladeren/naalden van o.a. eiken en dennen, duidelijke Ca, Mg en K deficiënties en in de jaarringen als een hele trage radiale aanwas. Op de bodem accumuleert de strooisellaag door een zichtbare verticale ontkoppeling van de nutriënten- en koolstofcyclus. In de kruidlagen daalde de diversiteit naar een handvol soorten. Het bijmengen van boomsoorten met rijkstrooisel in verzuurde bossen is een bewezen maatregel die nu mee aan de basis ligt voor het actief omvormen van bossen met een dominantie van naaldbomen. Ellen Desie ontwierp op basis van haar doctoraatsonderzoek een maatregelentabel en legde die tijdens de beheerdersdag in oktober 2021 uit aan de boswachters van ANB. De beslisboom in hoofdstuk 4 vult deze maatregelentabel nu aan met concrete voorschriften rond steenmeel en andere bufferstoffen. Op vele locaties is rijkstrooisel onvoldoende door de extreme verzuring en zijn bufferstoffen dus nodig. Momenteel wordt immers bij bosomvorming overal in Vlaanderen (en Nederland) nog dezelfde dosis van bufferstoffen (steenmeel/kalk/thomaskali) in plantputten toegevoegd. In Nederland wordt al enkele jaren toegewijd onderzoek gedaan naar steenmeel en kalk in zowel oppervlakkige- als plantkuil toedieningen . Met de resultaten uit het doctoraat van Robrecht Van Der Bauwhede (http://dx.doi.org/10.13140/RG.2.2.27736.20487) is het mogelijk deze maatregelen te verfijnen. Namelijk afhankelijk van de uitgangssituatie van het perceel zal er nu per perceel een gericht advies worden gegeven over de nodige dosis en het type steenmeel en eventueel dolomietkalk, thomaskali en/of kieseriet. Met deze opdracht wou het Agentschap voor Natuur en Bos (ANB) de praktische toepassing van de resultaten uit deze en andere onderzoeken versnellen en implementeren in het veld bij bosbeheerders. De doelstellingen van dit project waren: 1. Ontbrekende experimenten uitvoeren en analyseren 2. De gegevens modelleren ter installatie van een expertsysteem 3. Een toegankelijke handleiding schrijven met als doelgroep de boswachter met daarin: a. Wetenschappelijk overzicht rond verzuringsproblematiek en bufferstoffen b. Protocollen over bodem staalname en hoe de bodem pH te meten c. Snelle beslisboom op basis van zelf gemeten bodem pH en referentiewaarden d. Een uitgebreide beslisboom uitwerken op basis van bodemstalen en bladstalen die toelaat om stalen naar de Bodemkundige Dienst van België te sturen en uitgebreid advies te krijgen over de selectie van en werking van verschillende bufferstoffen voor een specifiek bestand 4. Adviesverlening en communicatie via video’s op Ecopedia Dankzij dit product zijn bosbeheerders nu in staat de bufferstofadviezen per opstand te verfijnen. Dit kan in eerste instantie voor kloempen onder scherm met behulp van een zelfuitgevoerde bodemstaalname, pH meting (zie deel 2) en de snelle beslisboom (zie deel 4). Maar kan ook uitgebreid worden naar het revitaliseren van een bestaand bestand (deel 3). Wanneer een uitgebreider advies over toedienen van steenmeel in kloempen of in opstanden waar de vitaliteit van de boomlaag zichtbaar achteruit gegaan is, nodig wordt geacht dan kunnen er bodem- en bladstalen naar de Bodemkundige Dienst van België (BDB) worden gestuurd. Bij de BDB is, op basis van bovenstaande onderzoeken, een nieuw protocol uitgewerkt, specifiek gericht op het herstel van de pH en basenverzadiging van bosbodems naar een gunstig, realistisch niveau voor Vlaamse bossen. Via een geavanceerd expertsysteem wordt naast advies over hoeveel en welk type steenmeel en/of kalk te gebruiken in een bepaalde opstand ook een perceel-specifieke voorspelling gegeven over pH-stijging, bladnutriëntenconcentraties en boomgroei. Er wordt ook gewaakt over de diversiteit van planten in de kruidlaag om overdosering van steenmeel en/of kalk te allen tijde te vermijden in de adviesvorming. De finaliteit is om het ecosysteem bos weerbaar te maken tegen verdere verzuring en de versnellende impact van klimaatverandering.
Ce résumé expose les affirmations des auteurs. BNTIC ne l’interprète pas comme une validation indépendante des résultats.